Mozes, uittocht uit Egypte


Ik kan de 10 plagen opsommen.


God zei: "Nog één keer zal ik de farao en de Egyptenaren straffen. Deze nacht zullen alle eerstgeboren kinderen sterven. Zorg dat alle Israëlieten een lam slachten en het braden. Het bloed van het lam moeten ze aan de buitenkant van hun deur smeren. Dat zal een teken zijn dat er Israëlieten wonen en dat de dood deze deur moet overslaan."

De Israëlieten deden wat God vroeg. Ze bakten nog snel brood. Het waren platte broden -matses- omdat ze niet de tijd hadden om het te laten rijzen. 

Die nacht trok de Engel des Doods door de straten van Egypte en drong de huizen binnen. Aan de huizen van de Israëlieten ging het voorbij. De Egyptenaren verloren die nacht hun eerstgeboren kind. Zo ook de farao.

De farao was razend en riep: "Verdwijn, Mozes! Ik wil jou en je volk hier nooit meer zien! Jullie zorgen alleen maar voor ellende!"

Mozes vertelde het volk dat ze de toestemming hadden gekregen om te gaan. Samen trokken ze weg uit Egypte, weg van de slavernij. 


Ik kan me inleven in het personage van Mozes toen God de 10 plagen naar Egypte stuurde.

Ik kan vertellen hoe ik me voel bij het horen van het verhaal van de 10 plagen.

Ik kan vertellen over mijn Godsbeeld na het horen van het verhaal van de 10 plagen.



Ik ken het verband tussen Pasen en Pesach.

Ik kan met behulp van prenten en/of voorwerpen verwoorden hoe een sedermaaltijd verloopt.

Ik kan het verband leggen tussen het joodse Pesachfeest en het christelijke Paasfeest.


Godsdienstklas GeBo Bonheiden
Mogelijk gemaakt door Webnode
Maak een gratis website. Deze website werd gemaakt met Webnode. Maak jouw eigen website vandaag nog gratis! Begin